Veelgestelde vragen over milieuverklaringen voor energiedragers
FAQ - Milieuverklaringen energiedragers
Omdat de elektriciteitsmix is geactualiseerd, is er meer hernieuwbare energie in de mix dan bij het opstellen van de vorige milieuverklaring. Bij MEPG zorgt dit voor een lagere MKI per kWh. Bij MPG (materialisatie) zorgt dit voor een hogere MKI per kWh: hernieuwbare energie bestaat namelijk grotendeels uit 'materialisatie'. Deze wijziging en het potentiële effect op MPG hebben we bij de voortgangsbesprekingen genoemd.
Deze update heeft effect op cat 3-milieuverklaringen die de nieuwe NMD-basisprocessen voor energie toepassen. Bij de meeste cat3 milieuverklaringen is dit echter niet van toepassing omdat ze deze processen niet gebruiken. Bij cat1/2 milieuverklaringen kunnen de nieuwe basisprocessen gebruikt worden in nieuwe LCA's.
Uit de NTA8800-berekening komen de gegevens (vaak) in kWh Daarom was er gekozen voor eenheid 'kWh'. Wanneer het warmtegebruik bekend is in 'GJ', moet dit inderdaad omgerekend worden.
Warmte en koude
Er is geen specifieke milieuverklaring voor koudelevering omdat er geen losstaande data beschikbaar was van individuele koudenetten. De milieuverklaring van materialisatie WKO kan gebruikt worden voor warmte/koude uit WKO binnen MPG. Bij koude uit aquathermie kan gebruik gemaakt worden van 'Warmtelevering, aquathermie (TEO), lage temperatuur, bij consument, per kWh, materialisatie infrastructuur'. Koudelevering is een vorm van warmtelevering.
De verhouding is 50/50 open/gesloten. De MKI en CO2-eq zijn nagenoeg gelijk voor beide varianten. Deze zijn samengevoegd om het aantal milieuverklaringen beperkt te houden.
De milieuverklaringen gaan uit van levering op LT. De scope van de nieuwe milieuverklaringen is op basis van veelvoorkomende configuraties. Voor HT is een boosterwarmtepomp nodig. Dit kan decentraal of centraal geregeld zijn. Voor WKO en TEO met levering op HT zouden specifieke milieuverklaringen opgesteld kunnen worden met opwaardering van LT naar HT. Wanneer er geen milieuverklaring beschikbaar is voor een specifieke warmteconfiguratie, kan als proxy mogelijk worden uitgegaan van de mix 'Warmtelevering via warmtenet, Nederlandse mix, hoge temperatuur', of 'lage temperatuur'. Er kunnen ook categorie 1 en 2 milieuverklaringen gemaakt worden voor specifieke warmte-/koudenetten.
De basisprocessen bevatten de marktconforme eenheid (m3 voor gas). De milieuverklaringen voor operationeel verbruik (B6) zijn in kWh. Uit de NTA8800 berekening komen de gegevens (vaak) in kWh. Daarom is er gekozen voor kWh. In de omschrijving van de milieuverklaring staat de omrekenfactor van kWh naar m3. Voor infrastructuur kwam de wens om m3 te houden voor vergelijkbaarheid met huidige invoer in MPG.
De COP-waarden voor LT-en HT boost zijn opgesteld op basis van informatie van geraadpleegde experts van warmtepompenleveranciers en Vereniging Warmtepompen. Bij levering op LT met een boost van 15 graden gaan we uit van COP 6,5 op basis van een constante afgiftetemperatuur. Bij een stooklijn zou een hogere COP haalbaar kunnen zijn. Bij levering op HT (boost van 30 graden) is een COP van 4,5 of hoger aannemelijk volgens onze contactpersonen.
Biogas
Opwaardering van het biogas zit opgenomen in de milieuverklaring op basis van 1/3 biogas purification to biomethane by amino washing, 1/3 biogas purification to biomethane by membrane technique en 1/3 biogas purification to biomethane by pressure swing adsorption, zie 'Biogas, verbrand, bij consument' in de rapportage. Met de opwaardering wordt het biogas 'groen gas'. Het groene gas in het net heeft nagenoeg dezelfde calorische waarde als aardgas. De milieuverklaringen van biogas zullen hernoemd worden naar 'groen gas'.
Gerelateerde onderwerpen