NIEUWSOVERZICHT < DELEN >
X

Deel dit artikel!

Terugblik jaarsymposium ‘Op weg naar 2023’

NMD-symposium Op weg naar 2023

“We zijn al sinds de jaren ’90 bezig met het maken van lijstjes om de bouw duurzamer te maken. Na dertig jaar is het nu de hoogste tijd om wezenlijke stappen te maken en de bouw echt duurzamer te maken!” Dit standpunt verkondigde Meindert Smallenbroek, directeur van de Unie van Waterschappen tijdens de afsluitende paneldiscussie van het online NMD-symposium ‘Op weg naar 2023’, gehouden op 29 oktober onder dagvoorzitterschap van Sybren Bosch van Copper8.

De NMD  op weg naar 2023

De lijstjes van tegenwoordig zien er echter wel anders uit dan die van de jaren ’90. Harry Nieman, directeur van de NMD, en Tom de Boer, senior datamanager, gaven aan hoe de weg van de Bepalingsmethode Bouwwerken en de Nationale Milieudatabase verloopt naar het basiskamp van de circulaire bouweconomie in 2023. Met de laatste wijziging van de Bepalingsmethode Milieuprestatie is het aantal milieueffecten waarop een bouwproduct wordt beoordeeld aangevuld tot negentien categorieën. Daarnaast worden er onderzoeken uitgevoerd om de circulariteit van een bouwproduct meetbaar te maken. Tom de Boer presenteerde een aantal indicatoren die onderwerp van deze studie zijn. Harry Nieman gaf aan dat de komende jaren verder wordt gewerkt aan de verbetering van de kwaliteit van de data en aan het vullen van de NMD met productkaarten. Hij riep met name de installatiebranche op om productkaarten te ontwikkelen.

Zonnepanelen en innovatieve woningbouw

Ook de techniek om duurzame bouwwerken te maken is ten opzichte van de jaren ’90 op een hoger plan geraakt. De presentaties van Amelie Veenstra, directeur Beleid van Holland Solar en van Arjan de Haan van Buro de Haan gaven daar blijk van. Het zonnepaneel is een geavanceerd bouwproduct dat bijna standaard wordt toegepast en is een belangrijk instrument in de energietransitie. Niettemin beseft Amelie Veenstra dat het zonnepaneel qua milieuprestatie in slecht daglicht wordt geplaatst. Zij ziet verschillende verbeteropties die ten goede komen aan de milieukwaliteit van het zonnepaneel. Zo stelt zij dat de recyclebaarheid van het paneel op zich goed is, maar beter kan. De milieuprestatie van het zonnepaneel kan volgens haar worden verbeterd door betere disassemblage tot basismaterialen, andere materiaalkeuzen, een hogere energieopbrengst per m² zonnepaneel, minder materiaalgebruik per m² en een lagere CO₂-uitstoot bij de productie van silicium. Zowel Amelie Veenstra als Arjan de Haan kondigden aan dat zij productkaarten voor de NMD willen ontwikkelen. Holland Solar denkt aan de ontwikkeling van categorie 2 kaarten om de milieueffecten van zonnepanelen in beeld te brengen. Arjan de Haan meldde dat Rc Panels voor categorie 1 gaat.

Arjan de Haan presenteerde een innovatief concept van industrieel geproduceerde daken en gevels, dat onder de naam Rc-Panels in zowel de nieuwbouw als bij renovatie kan worden toegepast. Het concept is gericht op de sociale woningbouw, waarbij het rendabel maken van nul-op-de-meter woningen het uitgangspunt is. De projecten worden ontwikkeld met behulp van BIM. De MPG-berekening wordt automatisch berekend vanuit de BIM-configurator. Daarmee worden de milieueffecten voor de verschillende woningvarianten en opties gelijk inzichtelijk gemaakt.

Duurzaam aanbesteden met MKI of MPG

Paul Prinssen van Ecoreview reikte een handvat voor duurzaam aanbesteden aan. Hij presenteerde zijn nieuwe publicatie ‘Inkopen met de milieuprestatie gebouwen (MPG)’. De handreiking geeft uitleg over de toepassing van de MPG als gunningscriterium in het inkoopproces. Het is een aanvulling op de eerder verschenen publicatie ‘Inkopen met de milieukostenindicator’. De publicatie is te downloaden via de site van de NMD.

Aan tafel: ‘Waar staan jullie in 2023?’

In de afsluitende paneldiscussie wilde Jan Fokkema, directeur van de NEPROM, een steentje in de vijver gooien. Voor hem is het geen uitgemaakte zaak om zonder meer voort te gaan op ingeslagen weg naar 2023. Hij pleitte ervoor om eerst eens goed na te denken en de vraag te stellen waar we op dit moment staan. “Zijn we wel op de goede weg bezig als we met drie cijfers achter de komma de milieu-impact van schroefjes van een CV-ketel berekenen. Laten we het gezond verstand gebruiken en vooral naar de grote vissen kijken.” Evenals Jan Fokkema plaatste ook Niels Ruijter, directeur van de koepel van de Nederlandse bouwmaterialenindustrie NVTB, kritische kanttekeningen bij de huidige gang van zaken. In de eerste plaats wil hij de balans tussen energieprestatie en milieuprestatie verbeteren. Hij vergeleek die balans met een slecht waterbed waarbij de een omhoog komt als de ander dieper in het bed zakt. “Zoals we nu bezig zijn, is het niet waarschijnlijk dat we doelstellingen van 2030 en 2050 halen. Dat betekent voor mij niet dat we dan maar weer de regelgeving en de normen moeten aanscherpen. Van belang is dat de marktwerking moet kunnen worden ingezet om te verduurzamen. Dat is toch de kurk waarop de verduurzaming draait. Een uitvraag op duurzaamheid moet een economisch rendement opleveren die in verhouding is met de investeringen die van een bedrijf worden gevraagd.” Ook voor Meindert Smallenbroek ligt de bestemming niet zo vast. “De reis is mogelijk belangrijker dan de bestemming”. Maar hij stelde wel dat de ambities nu in daden moeten worden omgezet. “Het kan toch niet zo zijn dat we over dertig jaar nog steeds bezig zijn met het maken van lijstjes.”