Europese normalisatie

De CEN-commissie TC 350 ‘Sustainability of Construction Works’ anticipeert op de Europese ontwikkelingen t.a.v. duurzame gebouwen en producten en ontwerpt daarom een serie (vrijwillige) Europese CEN-bepalingsmethoden waarin indicatoren zijn benoemd.

De CEN-bepalingsmethoden zijn bedoeld om via milieueffecten van bouwmaterialen en -producten de duurzaamheid van een bouwwerk te bepalen. Op basis van een CEN-normblad kunnen producenten milieurelevante productverklaringen afgeven (de Environmental Product Declarations – EPD). Het gebruik van een EPD incl. de voor Nederland toepasselijke scenario’s dienen dan als input voor de bepaling van de milieuprestatie van een gebouw.

Het Europese CEN-normblad voor EPD’s van bouwproducten, de EN 15804, is in 2012 gepubliceerd. Voor de bepaling van de milieuprestatie van gebouwen is de EN 15978 gepubliceerd.

Doorwerking van Europees geharmoniseerde bepalingsmethoden in de Nederlandse situatie
De bepalingsmethode ‘Milieuprestatie gebouwen en GWW-werken’ is op de Europese bepalingsmethoden EN 15804 en de EN 15978 met voor Nederland toepasselijke scenario’s gebaseerd. De bepalingsmethoden van CEN zijn vooralsnog vrijwillig van aard. Dit kan veranderen zodra de Europese Commissie een mandaat heeft verleend aan CEN om voor de milieuprestatie geharmoniseerde bepalingsmethoden op te stellen. Op het moment dat CEN het mandaat heeft geaccepteerd, treedt er een stand still op voor de aangesloten landelijke normalisatie-instituten, waaronder NEN. NEN is ook gehouden om normbladen met bepalingsmethoden die ook CEN heeft gepubliceerd, in te trekken.

Voor SBK geldt het principe van stand still niet en ook niet de plicht tot intrekken van de bepalingsmethode. SBK kan derhalve de eigen bepalingsmethode blijven hanteren. Ook de Nederlandse overheid is vrij naar die methode te verwijzen, zolang er geen strijd is met geharmoniseerde bepalingsmethode op productniveau die onder de CPR vallen.

NEN is vertegenwoordigd in de CEN-commissie en heeft een Nederlandse schaduwcommissie ingesteld om inhoudelijke inbreng af te stemmen. Zolang de Europese bepalingsmethoden op gebouwniveau geen kracht van wet hebben, zet SBK de Europese normen om in de Nederlandse bepalingsmethode met inbreng van specifieke Nederlandse keuzes. Voor zover als mogelijk vindt daarbij wel een 1 op 1 verwijzing plaats naar de Europese regels. SBK stemt dit af met Nederlandse actoren in diverse gremia.

Belangrijke Verordeningen en richtlijnen voor de bouwsector

a) Verordening bouwproducten

b) Richtlijn Ecodesign betreffende de totstandbrenging van een kader voor het vaststellen van eisen inzake ecologisch ontwerp voor energiegerelateerde producten (herschikking)

c) Richtlijn 2008/98/EG betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen + Verordening 1357/2014 ter vervanging van bijlage III bij Richtlijn 2008/98/EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende afvalstoffen en tot intrekking van een aantal richtlijnen

d) Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen + Richtlijn 2018/844 tot wijziging van Richtlijn 2010/31/EU betreffende de energieprestatie van gebouwen en Richtlijn 2012/27/EU betreffende energie-effici├źntie

e) Verordening betreffende het EU-milieukeur + Corrigendum [Ecolabel]

f) Mededeling ‘Bouwen aan de interne markt voor groene producten’ + Aanbeveling van de Commissie over het gebruik van gemeenschappelijke methoden voor het meten en communiceren van de levenscyclus van producten en organisaties milieu >> Product Environmental Footprint [PEF]

g) Verordening 995/2010 tot vaststelling van de verplichtingen van marktdeelnemers die hout en houtproducten op de markt brengen