Woningontwerp en milieuprestatie

X

Deel dit artikel!

De Bouwbesluit-eis aan de Milieuprestatie is tot nu toe makkelijk haalbaar. Maar wanneer de eis wordt verscherpt, moet er daadwerkelijk worden nagedacht hoe de milieuprestatie van het gebouw kan worden verbeterd, of anders gezegd, hoe het gebouwontwerp kan worden geoptimaliseerd. 

 

Uit onderzoek van W/E adviseurs en DGMR blijkt dat dat het ene bouwdeel meer van invloed op de milieuprestatie is dan het andere. In onderstaande tabel is die invloed in percentages weergegeven voor een woning die volgens de gangbare principes wordt gebouwd en voor een Nul-op-de-meter Woning.

De installaties, gevels, vloeren en daken vormen gemiddeld genomen de ‘grote vissen’. De fundering en draagconstructie dragen in het algemeen minder bij. 

 

reguliere woning

nul-op-de-meter woning

Fundering

07 %

05 %

Vloeren

16 %

13 %

Draagconstructie

07 %

11 %

Gevels

18 %

13 %

Daken

06 %

04 %

Installaties

33 %

45 %

Inbouw

13 %

09 %

Ook ten aanzien van de vorm en de indeling zijn er een aantal interessante parameters te onderscheiden, namelijk de brutovloeroppervlakte, het aantal bouwlagen, de verdiepingshoogte, het geveloppervlak, het aandeel open delen in de gevel.

Brutovloeroppervlakte (BVO)
De invloed van het brutovloeroppervlakte op de milieuprestatie is relatief hoog bij kleine woningen of woon- en kantooreenheden. Dit komt door relatief veel materiaal per brutovloeroppervlakte (ongunstige verhouding tussen vloer- en omhullend oppervlakte) in combinatie met de regulier noodzakelijke installaties en voorzieningen, die onafhankelijk zijn van de grootte van de woning. Ten opzichte van een standaard eengezinswoning met een gemiddelde van een milieuprestatie van 0.50, kan de milieuprestatie snel afnemen bij heel kleine woningen. Aan de andere kant zal de milieuprestatie oplopen naar mate het brutovloeroppervlakte groter wordt.

Aantal bouwlagen
De milieuprestatie is bij woongebouwen van enkele lagen relatief hoog. Dit komt doordat materialen ten behoeve van gemeenschappelijke voorzieningen, zoals de fundering, entree en ontsluiting over een beperkt aantal woningen kunnen worden verdeeld. Bij een toename van het aantal bouwlagen neemt de milieuprestatie per woning toe. Wel wordt de reductiesnelheid steeds lager, doordat er bij een toename van het aantal lagen een zwaardere constructie vereist is.

Verdiepingshoogte
Per 10 % verhoging van de verdiepingshoogte neemt de milieuprestatie met 2 % tot 3 % toe. Dit komt vooral doordat het geveloppervlak groter wordt bij een gelijkblijvend brutovloeroppervlakte. Zelfs bij een verdiepingshoogte van ruim meer dan 3 meter zal de toename in milieuprestatie beperkt zijn.

Geveloppervlak
Bij een toename van het geveloppervlak bij een gelijkblijvend aantal m² brutovloeroppervlakte (gevel/BVO-verhouding) neemt ook de milieuprestatie toe. Een toename van 10 % in de gevel/BVO-verhouding leidt tot een toename in milieuprestatie van enkele procenten. Een vierkant gebouw, zonder in- en verspringingen in de gevel, is materiaalefficiënt en scoort daardoor gunstig. Een patiowoning, of een woning met bijvoorbeeld erkers, uitbouwen en siergevels heeft relatief meer materiaal per m² brutovloeroppervlakte en scoort daardoor ongunstiger dan gemiddeld.

Aandeel open delen in de gevel
De open delen in de gevel hebben een hogere milieubelasting dan de dichte delen. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat de milieubelasting per m² beglazing hoog is (zeker bij drievoudige beglazing). Een toename van 25 % in het aandeel open geveldelen leidt tot een afname in milieuprestatie van enkele procenten. Gecombineerd met een ongunstige gevel/BVO-verhouding kan dit tot een relevante verlaging van de milieuprestatie leiden.

 

De volgende ontwerpbeslissingen hebben vaak een positieve invloed op de milieuprestatie:

  • materiaal besparen, bijvoorbeeld door te kiezen voor slanke en/of niet-massieve constructies (bijvoorbeeld kanaalplaatvloeren ten opzichte van massieve vloeren);
  • een uitgebalanceerd installatieprincipe kan leiden tot een aanzienlijke verbetering van de milieuprestatie;
  • producten toepassen met een relevant aandeel (hoogwaardig) gerecycled materiaal;
  • het toepassen van biobased materials.

 

Bronnen: 

  • W/E adviseurs, Principes en parameters Milieuprestatie Gebouwen, 2017;
  • DGMR, De MPG van NOM-, BENG- en ZEN-woningen, 2017.